home  
 
 

biografie

 
  gedichten
 
  interview
 
  publicaties
 
  essay
 
  toneel
 
  verhalen
 
  contact
 



 

Walter Palm, een schrijver uit Curaçao

nederlands

papiaments engels



BEGRAVEN IN PARIJS, HET HART IN WARSCHAU
Alan Walker’s minutieuze biografie van Chopin

(Een eerdere versie van deze recensie is gepubliceerd in het Antilliaans Dagblad van 31 augustus 2019)

Dit jaar is het 170 jaar geleden dat de briljante Poolse componist Chopin (1810-1849) is overleden. Chopin is er niet meer, maar zijn composities zijn onsterfelijk en zijn leven blijft in de belangstelling staan. Zie bijvoorbeeld Frederyk Chopin. A Life and times van Alan Walker, een nieuwe biografie die in chronologische volgorde zeer gedetailleerd het leven van Chopin beschrijft van zijn wieg tot zijn graf. Mijn recensie is geen samenvatting van deze lijvige biografie van 727 pagina’s maar een dwarsdoorsnede van deze publicatie gericht op het in beeld brengen van de musicologische context van Chopin. Daarbij heb ik de volgende vijf invalshoeken gekozen: (1) bij wie heeft Chopin gestudeerd; (2) wat waren zijn vroege inspiratiebronnen; (3) welke componisten hebben hem gevormd;
(4) hoe verhield hij zich tot de belangrijkste componisten in zijn tijd (Schumann, Mendelssohn Bartholdy en Liszt) en (5) wat is zijn invloed op latere componisten. Daarnaast heb ik in de recensie, met verwijzing naar de biografie, ook aandacht besteed aan Chopin’s liefdesleven, zijn inkomstenbronnen en zijn relatie tot Polen.

(1) Leermeesters
Walker opent met een onverwachte klapper en dat geeft gelijk het bewijs hoe gedegen hij te werk is gegaan. Hij signaleert dat er verwarring is over de exacte geboortedatum van Chopin. In Chopin’s doopakte staat dat zijn geboortedatum 22 februari 1810 is, maar Chopin’s familie heeft altijd volgehouden dat hij op 1 maart 1810 is geboren. Geboren is Chopin in het Poolse dorpje Zelazowa Wola. Hoe deze verwarring is ontstaan blijft in nevelen gehuld. Vrij snel na de geboorte van Chopin verhuisde het gezin naar het patriotistische Warschau omdat zijn vader Mikolaj Chopin daar ging werken als leraar. Het patriotisme kreeg hij met de paplepel mee.
Frederyk kreeg vanaf zijn vierde jaar pianoles van zijn moeder Justyna Krzyzanowska die zeer muzikaal was. Heel traditioneel dus. Vanaf zijn zesde tot zijn twaalfde jaar kreeg hij pianoonderricht van de excentrieke Wojciech Zywny die een schuin afzakkende gele pruik droeg en het liefst gekleed ging in felgroen. De grote verdienste van Wojciech Zywny die zelf ook componist was, was dat hij Chopin alle ruimte gaf voor zijn eigen pianistische ontwikkeling. Zijn moeder en Zywny waren Chopin’s énige twee pianoleraren. Een groter compliment aan hen beiden is niet denkbaar. Compositieleer kreeg hij van 1826 tot en met 1828 van Józef Elsner. Hij was de patriotistische dirigent van het orkest van de opera van Warschau en componist van talloze nationalistische Poolse opera’s. Het muzikaal onderrricht van Chopin stak bleekjes af tegen dat van andere muzikale zwaargewichten. Zo had Ludwig van Beethoven les gekregen van de beroemde componist Haydn. Geconcludeerd kan dus worden dat Chopin zonder gerenommeerde leermeesters het op eigen kracht heel ver geschopt heeft.

(2) Vroege inspiratiebronnen
Vanaf zijn vroege jeugd was Chopin dol op de twee meest karakteristieke Poolse dansen: de aristocratische polonaise en de van oorsprong meer boerse mazurka. Al op zevenjarige leeftijd schreef Chopin zijn eerste compositie, een polonaise. Hij schreef er uiteindelijk minimaal 23 waaronder de magistrale Heroïsche. In dit stuk ontlaadt de opgeroepen spanning van dramatisch rap dalende akkoorden in de linkerhand, zich in een stralende triomf. Franz Liszt vergeleek deze beroemde passage met het driftige hoefgetrappel van de cavalerie die zich verzamelt voor een vernietigende aanval op de vijand. In onze familie werden familieleden die de dag wilden openen met deze energieverslindende polonaise, aangeraden om eerst een stevig ontbijt te nuttigen alvorens zich te wagen aan het spelen van deze compositie.
Tijdens zijn vakantie in het landelijke Mazovia hoorde de veertienjarige Chopin voor het eerst een mazurka. Hij componeerde daarop zijn eerste twee mazurka’s. De biograaf geeft aan dat de allerlaatste compositie van Chopin een mazurka was, namelijk de mazurka op. posth. 67, nr. 2. Zijn afscheidsgroet was dus een mazurka. Hij experimenteerde ook met de mengvorm van polonaise en mazurka. Een mazurka en een polonaise liet hij samenvloeien in de Tragische polonaise. In het centrale deel van deze compositie schrijft Chopin ‘tempo di mazurka’ voor. De statige balzaal wordt in deze polonaise dus even verwisseld voor een dorpsplein op het platteland.

(3) Vormende componisten
Chopin werd muzikaal gevormd door voornamelijk drie componisten: Johan Sebastian Bach, Wolfgang Amadeus Mozart en Gioachino Rossini. Hij speelde graag Das Wohltemperierte Klavier van Bach en hij luisterde met plezier naar De Barbier van Sevilla van Rossini. Zijn favoriete composities van Mozart waren de opera Don Giovanni en het Requiem. Bij zijn uitvaart werd op zijn verzoek het Requiem van Mozart uitgevoerd. Chopin heeft voor piano en orkest variaties geschreven op de aria ‘Là ci darem la mano’ (uit de eerste akte van Don Giovanni). Als groot operaliefhebber is het vreemd dat Chopin niet zelf een opera heeft geschreven. Chopin was geïnspireerd door de kenmerkende dromerige melancholie van de Nocturne die voor het eerst werd geïntroduceerd door de Ierse componist John Field. Hij verfijnde, polijste en transformeerde de Nocturne tot een van de belangrijkste muzikale genres in de Romantiek en bracht het tot volle wasdom.

(4) Verhouding tot tijdgenoten
Zowel Mendelssohn Bartholdy als Schumann waren vol lof over Chopin, maar Frederyk was niet onder de indruk van hun composities. Hij hield zich wel aan de traditie om composities op te dragen aan bevriende componisten. Zo droeg hij zijn Tweede Ballade op aan Schumann en die droeg op zijn beurt zijn achtdelige pianocompositie Kreisleriana aan hem op. Terwijl Schumann in zijn nopjes was met de aan hem opgedragen Ballade, was Chopin zuinig in zijn reactie. Schijnbaar was hij alleen onder de indruk van de omslag van Kreisleriana!
Chopin was geen pianoleeuw zoals zijn tijdgenoot Franz Liszt die met acrobatisch pianospel en wapperende manen zijn publiek in extase bracht. Chopin verafschuwde de piano-optredens van Liszt. Imponeerde Liszt met virtuositeit, Chopin charmeerde met intimiteit. Dit neemt niet weg dat Chopin zijn Twaalf Etudes opdroeg aan Liszt en zijn volgende Twaalf Etudes opdroeg aan de maîtresse van Liszt, namelijk gravin Marie d’Agoult.
Waar de biograaf weinig aandacht aan besteedt is dat Chopin in tegenstelling tot zijn tijdgenoten vrijwel alleen pianocomposities schreef. Daarmee onderscheidde hij zich ook van zijn tijdgenoten Mendelssohn Bartholdy en Schumann want die schreven behalve werken voor piano ook symfonieën. Mendelssohn bijvoorbeeld heeft vijf symfonieën gecomponeerd waaronder de bekende vierde symfonie, de Italiaanse symfonie. En Robert Schumann vier symfonieën waaronder de befaamde derde symfonie, de Rheinische. De biograaf gaat niet in op de intrigerende vraag waarom Chopin zich vrijwel uitsluitend beperkte tot pianocomposities. Was dat uit rebellie? Het is uiteraard speculeren maar de vraag doet zich voor of wij van een gevarieerder muzikaal buffet van Chopin hadden kunen genieten als hij meer leermeesters had gehad.

(5) Invloedssfeer tot op Curaçao!
Zonder overdrijving kan gesteld worden dat de invloedssfeer van Chopin, enorm is. De Twaalf Etudes van de Franse componist Claude Debussy zijn geïnspireerd door de legendarische études van Chopin. En de Russische componist Prokoviev bekende eerlijk dat het Scherzo uit zijn derde symfonie sterk beïnvloed was door de finale van de derde pianosonate van Chopin. En ook Maurice Ravel sprak in zijn essay ter gelegenheid van het honderdste geboortejaar van Chopin zijn grenzeloze bewondering uit voor Chopin.
Als Curaçaoënaar valt het mij op dat de biografie te kort schiet, in de beschrijving van de invloedssfeer van Chopin. Want de mazurka stak na de transformatie door Chopin van boerse volksdans in chique salonmuziek, de Atlantische oceaan over en deed op Curaçao zijn glorieuze intrede in de artistieke elite. De wonderbaarlijke metamorfose van de mazurka was de inspiratie voor mijn gedicht De Mazurka.
Ter gelegenheid van het Koninkrijksconcert in 2012 had ik het voorrecht om dit gedicht te mogen voordragen voor toenmalig Koningin Beatrix en indertijd Kroonprins nu Koning Willem-Alexander. Zonder Chopin was er geen Curaçaose mazurka. Zonder Chopin hadden de mazurka’s Que linda! en Recuerdos van mijn grootvader Jacobo Palm nooit het daglicht gezien. Ook de mazurka Pensando el 3 de Enero van mijn betovergrootvader Jan Gerard Palm zou niet geboren zijn. En evenmin de mazurka La elegante van Joseph Sickman Corsen. Een wereld zonder de muziek van Chopin kan ik mij niet voorstellen. Opgegroeid in een muziekfamilie is mijn jeugd innig vervlochten met de muziek van deze Poolse componist. Mijn grootvader speelde vaak Chopin, alleen de Marche Funèbre mocht hij niet spelen van mijn grootmoeder want volgens haar riep dat de dood op.

Liefdesleven
Chopin’s jeugdliefde was Kostancja Gladkowska. Zij was de inspiratiebron voor het Larghetto uit zijn tweede pianconcert dat met zijn lyrisch en poëtisch karakter doet denken aan het hartveroverende Andante van het 21ste pianoconcert van Mozart. Het werd niks want Kostancja’s moeder had liever gezien dat haar dochter zou trouwen met een rijke man wat uiteindelijk ook gebeurde. Zijn tweede geliefde was Maria Wodzinska aan wie hij zijn wals L’Adieu opdroeg. Bij zonsondergang vroeg hij haar ten huwelijk en zij accepteerde maar haar moeder gooide roet in het eten want zij had liever een gezonde man voor haar dochter en niet iemand met een delicate gezondheid zoals Chopin die had.
Zijn derde en bekendste geliefde was de excentrieke George Sand. Zij was een gescheiden, sigaren rokende Franse schrijfster en zes jaar ouder dan Chopin. Moeder van twee kinderen Maurice en Solange uit haar eerdere huwelijk met Casimir Dudevant. Betwijfeld werd of Casimir de vader was van Solange. Met George Sand had hij negen jaar een relatie, maar ook deze strandde. George Sand entameerde deze legendarische verhouding en beëindigde het ook. Nadat het uit was met George Sand, waren er vlak voor zijn dood, geruchten dat hij zou gaan trouwen met zijn buitengewoon vermogende Schotse ex-pupil Jane Stirling die verliefd op hem was. Toen hem naar zijn trouwplannen werd gevraagd, antwoordde hij plomp dat hij dichter bij zijn doodskist dan bij zijn bruidsbed stond.

Inkomstenbronnen
Chopin had drie bronnen van inkomsten, namelijk het geven van privélessen en concerten, en het publiceren van composities. Zijn beginjaren als émigré na zijn emigratie vanuit Warschau naar Parijs waren financieel bezien moeilijk. Hij had nog geen leerlingen en geen inkomsten uit de publicatie van zijn composities. Tot overmaat van ramp leverde Chopin’s eerste concert in Parijs op 26 februari 1832 slechts financieel verlies op. Het was een soirée bij Baron James de Rothschild in het najaar van 1832 die redding bracht. Toen de barones Chopin uitnodigde om te spelen maakte zijn geraffineerde pianospel een dermate diepe indruk op de aanwezigen dat zij gretig les van hem wilden krijgen. De aanwezige aristocraten waren bereid om royaal te betalen voor privélessen bij Chopin. Zijn groeiende schare van leerlingen betekende een gestage inkomstenbron voor Chopin.
Toen Chopin eenmaal een gevestigde reputatie had als gevierde componist, had hij liefst drie uitgevers, namelijk Schlesinger in Parijs (voor de Franse markt), Breitkopf en Hartel in Leipzig (voor de Duitse markt) en Wessel in Londen (voor de Engelse markt). Zij het wel dat de biograaf aangeeft dat tot groot ongenoegen van Chopin uitgever Wessel bepaalde composities een bijnaam gaf waardoor ze beter verkochten. Zo gaf hij de Prelude opus 28, nr. 15 de naam van Regendruppel Prelude.
Zoals zo veel andere musici in hun nadagen, zie de onlangs in armoede overleden Bossa Nova icoon Joao Gilberto, had Chopin het in zijn laatste levensjaar financieel bezien niet breed. Spontaan schoten zijn vrienden en de Rothschilds hem toen financieel te hulp maar het meest spectaculair was de bijdrage van Jane Stirling. Toen haar de penibele financiële situatie van Chopin ter ore was gekomen liet zij het formidabele bedrag van 25.000 francs bij hem bezorgen, wat hij prompt weigerde aan te nemen. Na zijn overlijden betaalde zij zowel de kostbare uitvaart van Chopin in de Madeleine kerk in Parijs als het grafmonument voor Chopin in de Cimetière du Père Lachaise in Parijs.

Relatie tot Polen
In tegenstelling tot zijn wisselende romantische relaties en fluctuerende inkomsten, was er één constante in Chopin’s leven en dat was zijn liefde voor Polen en voor de Poolse muziek. De biograaf benadrukt dat hij een overtuigd patriot was in hart en nieren, ook al was hij maar twintig jaar toen hij Polen voorgoed verliet. In Parijs gaf Chopin verschillende liefdadigheidsconcerten in de residentie van de Poolse prins Adam Czartoryski. De opbrengsten daarvan kwamen ten goede aan de Poolse onafhankelijkheidsstrijd. Illustratief voor de patriotistische inborst van Chopin was dat hij in 1837 een buitengewoon lucratief aanbod van de tsaar om pianist te worden aan het Russisch Hof, hooghartig afsloeg. In niet mis te verstane bewoordingen liet hij de tsaar weten dat hij niet had meegedaan aan de Poolse oproer maar dat hij juist sympathiseerde met de opstandelingen. ‘Kanonnen begraven onder bloemen’ zo karakteriseerde Schumann daarom de muziek van Chopin.
Ook benadrukt de biograaf dat Chopin zijn hele leven omringd was door Poolse immigranten. De Poolse bankier Wojciech Grzymala die in absentia ter dood was veroordeeld door de Russen was een vertrouweling van Chopin. Een andere Poolse balling Julian Fontana was jarenlang intermediair tussen Chopin en de uitgevers van zijn composities.
Ook al ligt Chopin begraven in Parijs en heeft hij de Franse nationaliteit, een Fransman is hij nooit geworden. Hij is altijd een Pool gebleven. Ludwika, de zus van Chopin, heeft na zijn begrafenis het zorgvuldig geconserveerde hart van de Poolse componist overgebracht naar de Heilige Kruiskerk in Warschau. De Heilige Mis op 17 oktober 1999 in deze kerk ter herdenking van de honderdvijftigste sterfdag van Chopin werd bijgewoond door elf Antillianen. Dit voorval inspireerde Jan Brokken om de bestseller Waarom elf Antillianen knielden voor het hart van Chopin te schrijven.
Wat onvoldoende uit de verf komt in deze overigens uitstekende biografie is dat Polen Chopin door de eeuwen heen trouw gebleven. In mijn studententijd luisterde ik frequent om middernacht naar Radio Warschau die zijn uitzendingen altijd besloot met muziek van Chopin. Ook wordt in Warschau het prestigieuze Chopin concours voor pianisten gehouden. Dit concours dat in 1927 van start ging, wordt sinds 1955 om de vijf jaar gehouden. Bekende winnaars van dit concours zijn ondermeer de wereldberoemde pianisten Maurizio Pollini en Martha Argerich. Volgend jaar is er weer een Chopin concours.
De bekendheid van de sterk door Chopin beïnvloede Curaçaose salonmuziek wordt ondermeer bevorderd door de Palm Music Foundation die op deze wijze een ode brengt aan het Curaçaos cultureel erfgoed maar ook aan Chopin.


 

 © Copyright Walter Palm